E.g.

Het komt de laatste tijd, zo anderhalf jaar nu, wel vaker voor dat ik een mail in het Engels dien te schrijven.
Ook een handleiding voor een kleine tool die ik schreef pleeg ik wel in het Engels te schrijven. En het komt dan wel eens voor dat ik een voorbeeld moet geven. Wij schrijven dan ‘bvb.’ Of ‘vb’.
In het Engels, zo herinner ik mij vanop de schoolbanken, is dat ‘e.g.’ Als ik een Engelse tekst lees dan zie ik dat daar ook wel eens staan. Mijn hersenen vertalen dat zonder vragen naar For Example. Of gewoon Iedjie.
Maar Eg? Vanwaar ‘eg’ vraag ik mij dan altijd af.
Eg begot. Example kon ik mij daar wel bij voorstellen, maar waar staat die g dan toch voor. Example given? Maar waarom dan niet Given example. Enfin, ik wist het niet.
Tot vandaag. Nu weet ik het. Hoera.

Het komt uit het Latijn, nota bene de taal die ik volgend jaar hoogstwaarschijnlijk begin te leren, en staat voor exemplī grātiā. Letterlijk ‘for the sake of an example. Makkelijker kan hiet niet zijn toch.

Je kan natuurlijk ook i.e. gebruiken in het Engels.

Pareltje

Zo een twee jaar geleden leerde ik de band ‘The war on drugs’ kennen. Het nummer Red eyes werd al snel een meezinger van formaat en ook de daarop volgende singles klonken goed tot zeer goed.

Gisteren, toen ik in onze badkamer stond om te gaan douchen hoorde ik via het programma Zender op studio brussel opeens een schitterend geluid door de radio klinken. Ik herkende de stem en de sfeer van de muziek doch kon er niet onmiddelijk een groep aan koppelen. Shazam kon dat natuurlijk wel.

En zo wist ik dat het ‘moh natuurlijk’ The war on drugs was. Dit moest ik tweeten.

Presentatrice Michèle Cuvelier deed konde van mijn tweet en ik ging nadien met een lach op mijn gezicht douchen.

Luister en oordeel vooral zelf, de hotshot van stu bru voor volgende week is, als het aan mij ligt,  gekend. Hoewel het eerder een nummer is om 11 minuten lang zalig te relaxen, weg te dromen en te genieten. Ik waan mij op een festivalweide, na een mooie warme dag, zakt de zon langzaam weg. Een rode gloed schijnt over het podium.

The War On Drugs – Thinking Of A Place from Record Store Day on Vimeo.

Dagje Boudewijnpark

Zondagmorgen zo rond kwart na negen. Ik sta in de keuken te wachten tot dat mijn nespresso koffietje doorgelopen is, ondertussen denkende hoe ik de geplande brunch voor ons tweetjes zal organiseren.

Onze kleinste sloeber speelt ondertussen op zijn speelmat.
Mijn vrouwke haar telefoon gaat plots stil af. Ik waag het om de telefoon op te nemen.
‘Hey Christophe, An hier, goede morgen. We hebben twee kaarten over om naar het Boudewijnpark te gaan, hebben jullie zin om mee te gaan.’
‘Hm ja, klinkt wel leuk, maar ik heb al één en ander gepland voor vandaag en vanavond speelt mijn ploegske tegen die van Brussel.. [Denkt na].. En Joyce ligt nog in bed… Nee, maar toch bedankt’
Terwijl ik mijn koffie drink en samen met Ebbe een paaseitje eet denk ik dat het toch wel leuk zou zijn om eens met dat klein manneke naar het Boudewijnpark te gaan. Hij is tenslotte de 2 jaar gepasseerd en zou toch wel al eens op een attractie kunnen zitten, hangen, liggen, vallen, duiken, springen en weer opstaan.
Dus ik ga met  Ebbe op de arm en met de telefoon in de hand naar ons slaapkamer om te kijken of de mama wakker is.  Ah, die is wakker en kijkt naar een aflevering van Thuis.

‘An belde zonet en vroeg of we zin hadden om mee te gaan naar het Boudewijnpark. Ik heb nee gezegd, maar heb nagedacht en zou het toch wel leuk vinden om mee te gaan, bel jij eens terug naar An?’.
Een uurtje later werd er aangebeld. Op naar Brugge met een tussenstop aan de mac donalds te Maldegem. Niet om er te eten, het was immers nog geen elf uur, maar om Alain, vergezeld van eigen kroost + 1 vriendje op te wachten. Zo waren we met 10.
Het was ter gelegenheid van het Rode Kruisfeest dat we kaarten ter beschikking kregen. Zo bleek het wel behoorlijk druk te zijn. De parking van Boudewijnseapark was volzet en ook waren de meeste plaatsen in de aanpalende straten reeds ingenomen.
Wat mij het eerste opviel in het park was dat de grote vogels nabij de ingang vervangen waren door een klein waterpark. Hoewel het niet echt warm was waren er toch een aantal kinderen in Bobo’s AquaSplash, want zo noemt dat waterparkje, aan het spelen.
Tijd om even aan te schuiven voor de eerste attractie. Meteen ook de allereerste paardjesmolen voor Ebbe.
Ebbe op de paardenmolen

Vervolgens stapten we naar de Orca, de rollercoaster van het boudewijnpark. Na de controle en dus bevestiging dat Ebbe er lengtegewijs op zou mogen begonnen we aan te schuiven. Een half uurtje later namen we plaats in de wagentjes. Ebbe nam met veel plezier plaats naast zijn mama en beleefde zo zijn eerste roetsjbaan-plezier. En hij vond het wel heel leuk.
Ebbe zijn eerste rit op een roetsjbaan

Toen de grotere kindjes aanschoven om op de piratenboot te zitten namen wij even pauze om te eten en naar de flamingos te kijken.
Vervolgens stapten we naar de vliegende dolfijntjes.

Toen kwam ik tot de vaststelling dat ik alweer op geen enkele foto stond. Dus bij deze deed ik een selfie avant le lettre.
Selfie avant le lettre

Na een wandeling doorheen de mini farm vleiden we ons even in de grasweide, genietend van het zonnetje. En Ebbe toonde nogmaals dat hij een muziekfan is. Hij zag een vreemd doosje waar muziek uitkwam en inspecteerde dat ten volle.
Ebbe controleert het doosje

Een dansje vol verwondering was uiteraard ook nodig…

We wandelden nog even voorbij de zeehonden en -leeuwen en toen was het tijd voor de show met de dolfijnen.
Ebbe keek vol verwondering naar deze zoogdieren en gaf hun, samen met de rest van de zaal, een oorverdovend applaus na het slagen van één of ander truukje.

En zo was een dolfijne in het boudewijnpark al aan zijn eind gekomen. Fijn dat we er bij konden zijn.

Think type read erase repeat

Ik heb toch even moeten nadenken over de titel van deze blogpost. En terwijl ik dit aan het tikken ben heb ik zelfs nog altijd geen titel.
Het zou ‘de afstoting door Eeklo’, ‘Eeklo ergert’, ‘Eeklo maakt deel van de stad onbereikbaar’, ‘Eeklo zorgt zelf voor verkeerschaos’, ‘Eigenzinnig Eeklo’,… kunnen worden. Ik weet het dus nog niet. Wat ik ook niet weet is hoe ik mijn gedachten moet neertikken, en dat gebeurt echt niet veel bij mij. Meestal zit er iets in mijn hoofd en heb ik een aantal minuten later een – meestal – vlot lezende blogpost. Niets is deze keer minder waar. Ik denk. Tik. Lees. Wis en herbegin. ‘Think. Type. Read. Erase. Repeat’, het zou een titel voor een song kunnen zijn. Of voor deze blogpost. Wow, ik heb een titel.
[Think. Type. Read. Erase. Repeat]
Bedoeling is zeker niet om van mijnen TEUT te maken maar het is toch al een aantal maanden dat het verkeer, komende uit Eeklo of gaande naar het centrum van Eeklo in de knoei zit. Wij hebben pech, omdat we nu éénmaal vrij regelmatig richting het centrum uit moeten, aan de buitenrand van deze echte, engergieke en eigenzinnige stad te wonen.
De kinderopvang voor de jongste situeert zich op een uitvalsweg richting Aalter terwijl zijn Omi – daar waar hij het meest gaat In de Roze en zijn Opa waar hij sporadisch gaat in de Peperstraat woont; De school van de twee grootste gelegen is langs de gevaarlijke Zuidmoerstraat in het midden van de stad; de mama van de 2 oudsten net binnen de stadswallen woont, … Goed gevonden trouwens die stadswallen want daar waar de agglomeratie rond de sint jozefswijk voorheen nog behoorlijk vlot te bereiken was heeft de komst van het alomgeprezen – en ook wel een beetje een gekregen – ziekenhuis er voor gezorgd dat heel wat huizen moeilijk te bereiken zijn.

Even terzijde, we gaan nog steeds naar Delhaize in Eeklo om boodschappen maar dat is veelal omdat er daar een Pub in is 🙂 Voor andere boodschappen zullen we eerder richting Maldegem rijden dan naar het centrum van Eeklo te moeten. Ook de trein neem ik in Aalter, toch een 20 km van onze woonst in plaats van in Eeklo. Maar dat heeft dan ook met het boemeltreingedoe te maken.

[Think. Type. Read. Erase. Repeat]
Richting centrum, komende vanuit richting Maldegem. Wat er in het Oosten, via de Gentsesteenweg naar het centrum gebeurt, is geen voer voor deze blogpost, laat staan voor mij, want daar heb ik weinig tot geen last van.
De invalsweg naar het centrum is aldaar DE Leopoldlaan. De Leopoldlaan start aan de felbesproken ‘den teut’ en eindigt aan de alomgeprezen ‘ovonde’ dewelke de verkeersstroom in de miljoenenwijk achter de leopoldlaan aanzienlijk deed toenemen. Om op die Leopoldlaan te geraken dien je evenwel wat obstakels te overwinnen. Nu nog meer dan vroeger. Vroeger, zoals in – een paar weken geleden. Niet heel echt vroeger vroeger dus. We zullen waarschijnlijk praten over vroeger als in ‘weet je nog, de tijd toen dat ziekenhuis er nog niet stond.. Maar dan was het verkeer toch een ietske beter hé want dan hadden ze de Blakstraat en de Raverschootstraat nog niet afgesloten’.
Ah, ik ben er. De Blakstraat en de Raverschootstraat.
[Think. Type. Read. Erase. Repeat]
Voor ons die af en toe in die buurt dienen te zijn en voor een groot deel van de Eeklonaars die in het Westen wonen zijn waren deze twee de invalswegen voor de aanpalende woonwijken en straten.

Ik neem er een google mapje bij.
De groene pijltjes staan voor de richtingen die je uitkan, komende vanuit richting Maldegem. We willen niet weg uit Eeklo, dus enkel de onderste twee zijn van toepassing. Als we nu naar één van de straten wilden in de door de blauwe vorm omgeven wijken/straten dan konden we of via de Blakstraat – eerste groene verticale balkje op de kaart- of de Raverschootstraat – tweede groene, verticale balkje op de kaart -rijden.
Maar. Opeens kwamen er rode verticale balkjes en die verdrongen de groene. Gelieve geen enkele politieke associatie te vinden, mijn kleuren waren gewoon beperkt tot deze.

Als we daar nu willen geraken dienen we via de drukke Leopoldlaan, tot aan de Ovonde te rijden. Daar slaan we dan de Brugsesteenweg in en komen aan de Sint Jozefwijk. Woon je aan de andere kant van de Raverschoostraat, dan dien je eerst door de Galgenstraat te rijden of kan je over de parking van Delhaize of Hubo tot aan de raverschootstraat rijden. Dit laatste doen we als we naar mijn broer en vrouwke en kindjes zijn ‘nieuwbouw’ rijden in de nieuwe wijk ‘Pykensakker’. Of als we het toch vrij drukke centrum wensen te vermijden als we naar de school van de oudste kinderen gaan.

[Think. Type. Read. Erase. Repeat]
Wat kan men nu doen om die streek dan toch te bereiken? Wel, het is vrij eenvoudig. Volgens de politici.
We spreken hier over een Ringlaan. En fabrieken en andere nijverheid zijn daar eigen aan. Dus nogal wat vrachtwagens die op en af rijden. Maar de oplossing om toch aan die woonwijken te geraken is om gewoon de ringlaan tot op het eind te rijden, daar te draaien en hop je rijdt in de richting van dewelke je wel de Raverschootstraat in kan. Makkelijk toch.
Wat gebeurt er nu? Net voorbij het punt waar de Raverschootstraat afgesloten is, draait men zich. Eventjes in achteruit, terug in vooruit en we zijn gedraaid. Easy as pie.
Gelukkig zijn er niet veel bedrijven in de industriezone van stad Eeklo. Dat heeft ook allemaal zijn reden maar komt hier niet aan bod. Laat ons zeggen dat het vooral over het soort nijverheid gaat. Een ziekenhuis bijvoorbeeld.
O ja, het containerpark ligt daar ook, langs die ringlaan. Hoe moet ik daar geraken als ik in één van die wijken/straten woon? Simpel toch, rij vanuit de Raverschootstraat richting den teut. Aan het ziekenhuis neem je de derde afslag op het rondpunt en zo zit je op de goede richting. Ook voor personen die naar het Stadhuis van Raverschoot wensen te rijden is dit de aangewezen methode.

En weet je wat ze nu nog gaan doen? De Leopoldlaan opnieuw aanleggen. Ze kregen 600.000 euro om daar een tweevaksbaan van te maken waarbij de fietspaden door middel van groenstroken gescheiden worden van de rijbaan. Een zeer mooi initiatief maar is de ring rond onze stad dan niet prioritair? Met slimme lichten aan de raverschootstraat.
Het wordt moeilijk in onze oranje stad.

[Think. Type. Read. Erase. Repeat]

Ontspannen in de tuin

’s Avonds na een dag werken, of als ik het geluk heb om op een zonnige dag thuis te kunnen werken, of gewoon; als we thuis zijn en de zon schijnt dan ga ik  graag eens naar buiten. En dan kijk ik in onze tuin naar het groen rond ons. En dan hoor ik de vogeltjes fluiten. En ik fluit dan stilletjes met hun mee. Zalig de Lente. En de zon. En dat groen. En die rust.

Fluit jij ook mee?

Ons kakkenestje

Laat mij beginnen bij het begin. Lijkt me logisch.
Nu, bijna dag op dag 10 jaar geleden begon ik aan een blog over Elle, 3 jaar en 5 maand jong en Rune, 2jaar en 11 maand. Het was een heus dagboek want elke dag dat ze toen bij mij verbleven werd verhaald. Dat duurde een vrij lange periode, de laatste blogpost aldaar dateert van augustus 2013. Ondertussen zijn die 2 kleine patatjes en heel wat groter geworden en kregen ze in januari 2015 er ook een broertje bij. Daarvan bestaan jammer genoeg nog niet heel veel verhalen. De tijden on line zijn immers totaal anders geworden dan een aantal jaren geleden. Het bloggen nam af. Ook wel een beetje om privéredenen, maar toch, de hele blogosfeer zoals dat met een mooi woord heet, en vooral dan het funbloggen nam af.
Er was nog geen facebook of youtube waarop nu de meeste verhalen, filmpjes en foto’s gepost worden.
Maar dat neemt niet weg dat het toch enigszins jammer is dat er nog niet heel veel geschreven werd over ons kakkenestje Ebbe. Er wordt af en toe wel iets bijgehouden in een off line boek.

Maar goed, waar ik toe wou komen is tot een klein verhaaltje over Ebbe. Namelijk zijn gewoonte om te gaan slapen.
Waar het vooral bij dochter Elle een ramp was om haar in bed te laten gaan, laat staan om te slapen, is dat manneke een droom om in bed te krijgen.
Nadat hij ons van de nodige dekentjes voorzien heeft in de zetel en zelf een tijdje bij ons in de zetel of in zijn eigen zeteltje zat is het al tussen 21u en 21u.30. Zowat het tijdstip waarop hij gevraagd wordt om in zijn bedje te gaan.
Ebbe heeft 2 fopspenen (tuutjes). Eentje hetwelk hij overdag gebruikt en één voor in zijn bedje, een clear in the dark tuutje.
Na de vraag, of is het een commando, stapt de jongste gezwind naar de keuken waar hij zijn nachttuutje ophaalt. Ook zijn beer wordt goed vastgenomen en dan komt hij ons een kusje geven. Zelf de eerste trapjes opstappen om dan nog eens te zwaaien ‘saapwej’, meestal nog eens gevolgd door een handkusje.
Dan stapt hij zelf de grote trap op – dit moet ik eens filmen – doet de deur van zijn slaapkamer open, gooit zijn beer in het bed en wacht tot hij opgetilt wordt om in zijn bedje gelegd te worden. Slaapzakje aan ‘zakje aan’, ‘dekentje – ja dank u’ over hem en ‘lichtje – ja dank u’ bij hem.
Nooit geweten dat een peuter zo graag in bed ging.
Het gebeurt wel eens dat hij dan nog even wakker ligt maar dan ligt hij te praten, te zingen en te spelen met zijn lichtje. En slapen, dat doet hij dan minstens tot 7 uur; Dan is hij uitgeslapen en speels. Maken we hem noodgedwongen vroeger wakker, of is hij dan toch eens een stuk later gaan slapen dan is dat ochtendhumeur wel aanwezig.

Zo, bij deze is Ebbe zijn eerste blogpost ook een feit. We moeten dat meer doen. Ook van de puberende tieners mag er terug eens iets meer verschijnen al is het maar om er later, al dan niet mee te kunnen lachen of zwaar melancholisch te worden.

Haal mij van de rol

Iedereen kent het wel zeker, wanneer je je mailbox opent zit er meer ongewenste mail tussen dan mail die meer of min belangrijk is.
Elk mailprogramma heeft zowat zijn eigen spamfilter maar toch zit je postvak in nog steeds vol met troep. En zo gebeurt het wel eens dat je in een hevige wisbui bijna al de mails verwijderd inclusief die ene belangrijke mail die je meldt dat je zonet een paar miljoen euro won.
Op vele van die mails staat er, verplicht, een link naar een site alwaar je je kan afmelden voor de bewuste mailservice. Maar veelal heeft dit als gevolg dat je nog meer mail zal ontvangen. Je hebt als het ware het bestaan en het gebruik van je emailaccount net bevestigd. En daar komen de kraaien graag op af.

Gisteren kreeg ik via Jurgen een link door naar de diensten van Unroll.me.
Ik heb zopas mijn online accounts (gmail en live) gezuiverd van nieuwsbrieven waarop ik mij ooit eens geabonneerd op (zou hebben) heb.

Nu nog de mail die op mijn telenet account toekomt bij gmail of outlook.com laten toekomen en de zuivering kan daar ook beginnen.

Misplaatst woord

Bij het lezen van een tekst kan ik mij wel meermaals ergeren aan de opbouw van een zin. Of van woorden die in de zin gebruikt worden.
Toegegeven, ik heb dat ook bij het (na-)lezen van mijn eigen teksten.

Maar een woord dat veel gebruikt wordt in teksten en dat ik veelal misplaatst vind, is het woord ‘Echter’.
Het woord echter heeft voor mij een negatieve bijklank. Iets wat voorafgaat of iets wat volgt op het woord ‘echter’ voel ik aan als iets wat negatief zou moeten zijn.

Neem nu de zin die ik zonet uit de krant het Nieuwsblad pikte:

Woensdag is er vooral in het noorden veel bewolking. Elders is de ruimte voor een opklaring groter. Het blijft echter overal zo goed als droog.

Zie het woord ‘echter’ daar nu staan. Dat voelt toch niet goed? Voor mij zou daar beter ‘evenwel’, ” of zelfs ‘gelukkig’ mogen staan.

Netflix

Ik hoorde vele verhalen die vooraf gingen aan het feit dat ik bij aanvang van de paasvakantie onze gratis maand van Netflix aanvroeg. Voor de ene persoon is het de max, voor een ander is het dan weer niets.

Waarom het zolang geduurd heeft om die gratis maand te proberen ligt eenvoudig aan het feit dat ik meer een filmkijker dan wel een seriekijker ben. De reden hiervoor is hoofdzakelijk omdat een serie een lange film is die uitgesponnen is over meerdere afleveringen en dus ook meestal over meerdere weken. Bij een film weet je dat je maximum drie uur later het einde achter de kiezen hebt. Het napraten met de andere kijkers, steeds een leuk en boeiend moment bij een film.

Maar dat laatste vind je ook terug bij een serie. Wat zal er volgende week gebeuren? Een korte sneak preview op het eind van een aflevering. En toch is het steeds lang wachten op een volgende aflevering.

En daar speelt netlflix natuurlijk goed op in, hoewel ik het filmaanbod maar pover vind wilde ik het wel eens seriegewijs proberen.
We zijn gestart met de serie ‘Stranger things‘.

Van op Wikipedia:
Op 6 november 1983 verdwijnt de twaalfjarige Will Byers op mysterieuze wijze in het stadje Hawkins in Indiana. Als een gevolg van de verdwijning begint Joyce, de alleenstaande moeder van Will, door te slaan. De politie, onder leiding van Jim Hopper, begint een onderzoek, evenals Wills jeugdvrienden Mike, Lucas en Dustin. Op een dag vinden de drie jongeren een verdwaald meisje met psychokinetische krachten. Samen ontdekken ze dat er mysterieuze krachten in het spel zijn en dat een sinistere overheidsorganisatie probeert om de waarheid te verdoezelen.

Omdat de serie op dit uit 8 afleveringen bestaat was ze dus vrij snel uitgekeken aan een tempo van 2 afleveringen per avond. En de serie beviel ons. Ja we keken er best wel naar uit om een volgende episode te zien.
Het moeilijke om gezamenlijk naar een serie te kijken is evenwel de timing. De één is al sneller moe dan de andere, er is er al ééntje die eens een avond bij een vriendinnetje wil gaan slapen, de ene week zijn de grote(re) kinderen bij ons, de andere niet.

Ondertussen zijn de grote kinderen dus niet bij ons en zijn wij met ons tweetjes beginnen kijken naar 13 reasons why.
Voor mij is de serie echter iets te veel voor tieners. Het zit best goed in elkaar maar het dringt niet echt binnen. Voor de vriendin is het evenwel een topper.

Op de trein, een vervoersmiddel waar ik mij op werkdagen toch zo een goede 2 uur op bevind, kan ik nu ook kijken. Netflix biedt immers de mogelijkheid om bepaalde – en dat zijn er heel wat – op voorhand te downloaden.
Ik start alvast met Black mirror. Een serie waarvan ik denk dat ze niet voor de vriendin is.

Ook dien ik nog verder te kijken naar Breaking bad en eindelijk eens te starten met House of cards. O ja, Orange is the new black, dat ook nog. En Aquarius, Narcos, how to get away with murder, the 100,… Niet veel te zien of snel uitgekeken zei er iemand?